05-05-2025
Op zondagavond herdacht Krimpen aan den IJssel oorlogsslachtoffers. Op begraafplaats IJsseldijk luisterden vele belangstellenden naar een gedicht van een basisschoolleerling, een toespraak van burgemeester Harriët Westerdijk en muziek van muziekvereniging Concordia. Om 20.00 uur waren we 2 minuten stil. Na het Wilhelmus werden er kransen gelegd door het gemeentebestuur, comité ‘ 40-‘ 45, veteranen, de kindergemeenteraad en stichting Wij. De scouting legde een rouwboeket.
In haar toespraak benadrukte burgemeester Westerdijk het belang van het uitdelen van vrijheid.
Vrijheid is niet alleen iets dat je krijgt. Het is iets dat we elkaar geven. Want als je jouw vrijheid niet uitdeelt en niet uitdraagt, niet aan de ander gunt. Ben je dan wel echt zo vrij als je denkt?
Na de kranslegging bij het herdenkingsmonument legde het gemeentebestuur, veteranen, nabestaanden en andere belangstellenden bloemen bij het eregraf van de gesneuvelde militairen.
Foto: Jeroen van Zomeren
Wilt u het gedicht of de toespraak nalezen?
de 2e Wereld Oorlog & onze vrijheid
Ik kijk tegen ze op;
de niet-Joden.
de NSB-ers
Elke Jood kijkt tegen hen op.
Het lijkt net alsof we kleiner zijn als hun.
Untermenschen.
Volgens hun.
Op de winkelruiten
hangen posters,
er staat op
Koop niets meer bij Joodse winkels!
Ik laat me niet beïnvloeden door ze
maar toch…..
Veel Joden kijken tegen ze op
De GeStaPo.
Ze letten te veel op je,
houden je in de gaten.
Elke dag,
elke week.
soms wel een maand,
of wel maanden.
Als je op hun lijst staat,
heb je kans op wegvoering,
naar een concentratiekamp….
Ik ben niet bang,
maar toch…..
Op een nacht gebeurde het, de Kristallnacht
Je hoorde glasgerinkel,
Je rook vuur……
Opeens…….
Ik hoorde mijn man roepen:
Lena! Leeenaaaaaa!!!! BRAND!!!!!!!
Ik schrok…
Brand?
Dat kan niet!
Maar dat….
Ik hoorde buiten mensen gillen.
Maar… Nee dat kan niet!
Maar toch…..
De oorlog was vreselijk.
Joden mogen nergens heen,
Overal…..
Overal hangen bordjes
er staat op:
´Verboden voor Joden.´
Bij zwembaden,
filmzalen,
parken,
zelfs bankjes in het park!
Ik vind dit niet kunnen!
Ik wil me wel verzetten,
maar toch…..
Op een dag hoorde ik motoren.
Leger auto’s!? Bevrijding!?
Ik dacht en
riep gelijk:
Jan! Jaaaaan!
Hij riep: Lena!!
Kom gauw!!
De geallieerden!
hij was buiten adem
De ge….alli….eerden….
ze zijn er……
Ik was bang, wou komen,
maar toch…..
In ons land kennen we nu 80 jaar vrijheid,
maar is die vrijheid
Wel voor iedereen?
Voor Joden in de Jodenwijk?
Soms Joden die het geloof
verborgen hebben,
zich ervoor schamen….
Voor zulke Joden geldt toch ook
….’vrijheid’?
Wij hopen dat ze zich openstellen
en niet schamen…..
Vrijheid voor ons.
Maar toch……
Goedenavond inwoners van Krimpen aan den IJssel,
Wat mooi dat u in grote getalen hier bent gekomen om gezamenlijk te herdenken.
Vanavond zijn we stil voor allen – burgers en militairen – die zijn omgekomen sinds het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog, in oorlogssituaties en bij vredesmissies. Vandaag doen we dat in het besef dat het dit jaar 80 jaar geleden is dat ons land werd bevrijd.
80 jaar vrijheid. Dat klinkt lang. Maar voor velen – mensen, families en nabestaanden – is 80 jaar helemaal niet lang. En deze avond zijn er ook veteranen onder ons die met eigen ogen hebben gezien dat 80 jaar vrijheid misschien wel voor ons in Nederland geldt. Maar zeker niet voor iedereen in de wereld. Zij hebben helemaal niet 80 jaar geleden voor het laatst gezien wat het betekent als vrijheid ontbreekt, maar veel recenter.
Nu, 80 jaar later, dragen we nog steeds de sporen van oorlog. In verhalen die gedeeld worden. Of juist in de stiltes die vallen. In trauma’s die zijn doorgegeven, maar ook in de kracht van mensen die hun hoop vast weten te houden en telkens weer opstaan, tegen alle moeilijkheden in. We leven in vrijheid. En toch moeten we het onszelf blijven afvragen: wat betekent vrijheid voor ons? En wat doen wij eigenlijk met die vrijheid?
In het gedicht van deze avond, geschreven door een jonge leerling van de Admiraal De Ruyterschool, vertelt een vrouw over haar leven tijdens de oorlog. Over momenten dat ze niet vrij was. Maar ook over momenten dat ze wel vrij was, maar zich helemaal niet vrij voelde. Hoe klein ze zich voelde, bekeken, opgejaagd. Maar telkens, bij elk moment van hoop of angst, keert dezelfde zin terug: “Maar toch…”
2 woorden die iets blootleggen. Iets broos. De vrijheid kwam, ja. Maar de littekens bleven. De twijfel ook. En daarmee ook de opdracht: om vrijheid niet slechts te vieren, maar te bewaken, te voeden en bovenal – met elkaar – te dragen. Want vrij zijn en je vrij voelen, is niet voor iedereen hetzelfde.
Vrijheid is niet alleen iets dat je krijgt. Het is iets dat we elkaar geven. Want als je jouw vrijheid niet uitdeelt en niet uitdraagt, niet aan de ander gunt. Ben je dan wel echt zo vrij als je denkt?
Mag jij zijn wie je bent? Mag jij geloven wat je gelooft? En liefhebben wie je liefhebt? En kun jij spreken zonder angst, kiezen zonder dwang. Ervaart u die vrijheid? Ervaart degene naast u die vrijheid? En deelt u die vrijheid aan elkaar? Soms gewoon eens luisteren. Een vraag durven stellen zonder direct ons antwoord of oordeel klaar te hebben.
Vrijheid is niet luid. Vrijheid schreeuwt niet ‘ Ik mag toch zeker zelf wel..’ en vul maar in. Vrijheid vraagt om aandacht. Om zorg. Zichtbaar in het kleine: in een open gesprek, in de ruimte die we een ander gunnen, in het zwijgen op momenten waarop het niet om onze stem draait, maar om die van een ander.
80 jaar na de bevrijding leven we in een wereld die opnieuw onrustig is. Waar oorlogen dichtbij komen. Waar mensen vluchten voor geweld, voor onderdrukking, voor angst. En waar de vrijheid van sommigen opnieuw ter discussie staat.
Dat maakt onze herdenking niet minder, maar juist méér belangrijk. Want als we herdenken, zeggen we: we vergeten het niet. We vergeten niet de pijn en de strijd van toen, maar we vergeten ook de lessen niet. We verbinden het verleden met het heden en daarmee ook met de toekomst.
Wij, vanavond samen bij elkaar, wij zijn die vrijheid. Wij, de generaties die volgden. Niet alleen de politici of de wereldleiders, maar ieder van ons. Vrijheid begint in hoe we met elkaar omgaan. In onze buurten. In onze scholen. In ons werk. In ons hart. Vrij zijn is voor ons een keuze omdat mensen hebben gevochten op het moment dat die keuze er niet was.
Daarom buigen we ons hoofd voor hen die vielen. Voor hen die niet terugkeerden. Voor wie hun leven gaven zodat wij het onze in vrijheid kunnen leven.
Maar na deze stilte, na dit moment van herdenken, ligt er ook een opdracht. Om niet alleen terug te kijken, maar ook vooruit. Waar ik niet kies voor mijn vrijheid, maar onze vrijheid. Iets dat nooit vanzelfsprekend is, maar altijd iets blijft om bewust voor te kiezen.
Onze vrijheid ligt hier niet opgesloten in het herdenkingsmonument. We laten het hier niet achter, wachtend tot het ons weer ziet op 4 mei volgend jaar. We nemen het straks met ons mee. In woorden en in daden. Elke dag weer.
Zoals Lisa in haar gedicht schreef, met de woorden: “Vrijheid voor ons. Maar toch…” – laten wij proberen dat “maar toch” om te buigen. Naar: vrijheid voor ons allemaal. Zeker weten.
Dank u wel.
Burgemeester Harriët Westerdijk
