Leidraad bezonningsstudie
Prettig wonen in de gemeente is belangrijk. Als een woning niet meer aan alle wensen voldoet, is verbouwen of uitbouwen een mogelijkheid. Het kan zijn dat uw bouwplan niet binnen het bestemmingsplan of omgevingsplan past. In het bestemmingsplan/omgevingsplan wordt onder andere geregeld wat de goot- en bouwhoogte van een woning is. Soms heeft iemand een bouwplan (bijvoorbeeld een dakopbouw) waarmee die goot- of bouwhoogte wordt overschreden.
Bij woonbestemmingen kan de gemeente soms (onder voorwaarden) afwijken van de regels. In het bestemmingsplan zijn hiervoor regels om af te wijken genoemd. Twee van deze regels die we in het bestemmingsplan noemen zijn:
- De bouwhoogte van het hoofdgebouw mag niet meer bedragen dan de helft van de afstand tot de tegenoverliggende gevel. Dit noemen we de ‘1 op 2 regel’.
- Er mag geen onevenredige afbreuk worden gedaan aan het woon- en leefmilieu. Hierbij wegen we de stedenbouwkundige kwaliteit, woonkwaliteit, bezonning en wegverkeerslawaai af.
Er is dus onder andere inzicht nodig in de effecten op de bezonning in de directe omgeving. Dit betekent dat de aanvrager onderzoek moet doen naar de effecten van het bouwplan op de bezonning in de directe omgeving. De aanvrager moet zelf een bezonningsonderzoek laten uitvoeren. Let op: informeer eerst bij de gemeente naar de haalbaarheid van uw plan voordat u een bezonningsonderzoek uitvoert.
Leidraad bezonningstudie
Bekijk de leidraad online
Veelgestelde vragen
Er zijn kosten aan het onderzoek verbonden. De kosten van het bezonningsonderzoek zijn voor de aanvrager zelf. Om onnodige kosten te voorkomen zijn er 4 onderzoeksniveaus. Afhankelijk van het bouwplan zijn er tot 4 verschillende niveaus waar aan moet worden voldaan. Niveau 1 vraagt de minste inspanning. Niveau 4 de meeste. En niveau 4 brengt mogelijk ook de meeste kosten met zich mee. Wij bepalen welk niveau nodig is.
Er zijn 4 onderzoeksniveaus
Afhankelijk van uw bouwplan bepalen we welk onderzoeksniveau nodig is:.
- Niveau 1. De verbouwing heeft geen effecten op de directe omgeving, bijvoorbeeld omdat de verbouwing plaatsvindt op de zuidzijde. Een bezonningsonderzoek is dan niet nodig.
- Niveau 2. Met behulp van 3D-schaduwdiagrammen wordt een bezonningonderzoek gedaan. Wordt aan de gestelde eisen voldaan? Dan keuren we dit goed.
- Niveau 3. Wordt er niet aan de 20%-regel voldaan maar wel aan de genoemde TNO-norm? Dan kunnen we de omgeving vragen een schriftelijk akkoord te geven.
- Niveau 4. Als uit de 3D-diagrammen niet duidelijk wordt of de genoemde TNO-norm behaald wordt, moet een extra gedetailleerd bezonningsonderzoek worden uitgevoerd.
Toch een andere vraag?
Wij staan klaar om u te helpen met al uw onbeantwoorde vragen!